|
Gehoor-apparaatjes
Mijn dochter van 10 heeft 2 gehoorappa-raatjes. En dan bedoel ik niet dat zij over een reservetoestel beschikt die ergens diep verborgen ligt in een of andere la. Nee gewoon, voor ieder oor één.
Het heeft lang geduurd voordat duidelijk was dat er iets aan haar gehoor mankeerde.
Iedere keer als een vriendelijke mevrouw een koptelefoontje op haar hoofd plantte, was er wel iets met haar aan de hand. Dan was ze weer verkouden, de andere keer kon ze zich na een lange schooldag niet goed concentreren op de woordjes en de piepjes, meesjes in de zomer die af en aan vlogen, water achter het oor (logisch), glimmende oorbellen dat wil zeggen hangertjes, die bij elke beweging van de onderzoekster bijna hypnotisch heen en weer slingerden, afijn; noem de diverse smoezen maar op, of ze waren allemaal aanwezig bij de gehooronderzoekjes.
“Tja,” klonk het dan. Er werden schouders opgehaald en de agenda’s werden maar weer getrokken voor een volgende vervolgafspraak.
“Het zou mij niets verbazen als ze op een goeie dag buisjes krijgt,” meldde ik dan thuis. En mijn vrouw knikte.
Wij maakten ons niet ongerust. Dat Tessa af en toe niet luisterde, lag duidelijk niet aan haar gehoor. Ze was een dromer, een fantast die graag mensen op het verkeerde been zette.
Zo was het bijvoorbeeld haar hobby om hele en halve woorden te verhaspelen. Pannenkoeken waren voor haar “kannenkoeken”, poffertjes werden “koffertjes” en een van de leukste spelletjes voor haar was een wandelingetje te maken over het klafond. Dan pakte ik haar onder de oksels, zette de zwaartekracht een half minuutje uit en mocht zij een rondje over het plafond lopen.
“Je hebt je voeten toch wel geveegd, hè viespeuk?” De wereld op zijn kop. Ieder keer weer gilde ze het uit van de pret.
Het was tenslotte het audiologisch centrum dat, na alweer een onderzoek, de volgende conclusie trok; komvormig gehoorverlies in het spraakgedeelte, zowel rechts als links. Het zat er gaande weg het onderzoek wel een beetje aan te komen, maar toch..
Ongeloof. Mijn agenda brandde in mijn binnenzak. Zou een nieuwe afspraak misschien toch iets anders aan het licht brengen? Ik keek de man aan. Hij had geen oorbellen, Tessa was uitgerust en waar waren die klote meesjes als je ze nodig had?
Tessa keek mij glazig aan.
Onderweg naar huis, twee tunnels lang, werd er weinig gezegd. We fietsten de straat al in toen ze zei: “Moet ik nu gehoorapparaatjes, pap?” Nu heb ik niets met het begrip “pil vergulden”. Ik legde dus mijn hand op haar schouder en zei zo luchtig mogelijk: “Ik denk het wel, lieverd.” Thuis, achter de warme chocomel sleepten wij mijn bril er nog aan zijn pootjes bij. “Kijk, de een heeft contactlenzen of een bril omdat hij slecht kan zien, de ander heeft een stok of een hond en jij hebt straks een gehoorapparaatje.”
Tessa zat haar chocomel koud te staren. ’s Avonds toen Leontine thuis kwam, vielen de traantjes. Ze wilde niet. Het was gemeen. Niet eerlijk.
Gelukkig duurde het even voordat wij naar de audicien gingen. Tessa was ondertussen aardig aan het idee gewend. Zij wel.
De audicien legde uit wat zij ging doen. De gehoorapparaatjes kwamen eraan. Maar eerst moest ze nog een afdrukje van Tessa’s oor maken, voor de maat. “Het gehoorapparaatje moet immers wel passen, hè,” klonk het een beetje zoetig. Tessa zou hiervoor een klein tamponnetje in ieder oor krijgen. De vrouw pakte de tampons en bewoog deze, alsof zij in het luchtledige thee aan het zetten was, op en neer. Tessa volgde alles met argusogen. Daarna zou de vrouw haar oren dichtkitten (“ik heb er geen ander woord voor”) met een soort groene, zelfhardende gel. Tessa begreep het allemaal. De tampons werden ingebracht en Tessa’s ogen werden zichtbaar groter. “Gaat het goed?,” vroeg ik. Ze knikte. De rode touwtjes hingen over haar oorlelletjes. De audicien hanteerde de kitspuit. De oorschelp werd tot aan het eerste randje gevuld. “Nu even wachten tot alles hard is,” vervolgde mevrouwtje theeleut.
Tessa’s gezicht begon ondertussen een andere uitdrukking te krijgen. Van berusting naar boos. Haar vingers wezen naar de groene proppen en haar stem klonk harder dan anders toen ze zei: “Ja pfff, nu hoor ik dus he-le-maal niets meer.”
God, wat had ik haar graag een rondje plafond aangeboden.
( door vader van Tessa ongeveer maart 2010-04-20)
|