Kinderen en wisselend gehoor

printversie

U kent ze wel, kinderen op de peuterspeelzaal of het basisonderwijs die bij vlagen niet willen luisteren en soms 'moeilijk gedrag' vertonen, ze lijken dan wel 'oost indisch doof'.
Er is een reële kans dat dit te maken heeft met perioden waarin het kind slechter hoort ten gevolge van verkoudheden of oorontstekingen. Extra vervelend is het wanneer dit bij een kind sterk wisselt. Soms is het gehoor in beide oren slecht, dan weer alleen het rechter, dan het linker oor en soms gaat het weer een hele tijd goed. En is het niet luisteren een gevolg van minder goed horen of is het kind op dat moment gewoon ècht vervelend? Ook daarvan weten we dat het bij alle kinderen zo nu en dan voorkomt. Helaas kan je dit lang niet altijd aan de buitenkant zien. Hoe moet je dan als ouder, peuterleidster of leerkracht reageren? Heel vervelend als je een kind 'straft' terwijl het de opdracht ècht niet gehoord heeft, maar andersom wil je ook niet te veel begrip hebben voor 'bewust' ongewenst gedrag. Tegelijkertijd: hoe moet een kind zich voelen als moeder zomaar ineens heel boos op hem wordt terwijl hij zich van geen kwaad bewust is. En waarom gaan andere kinderen ineens iets anders doen?

Behalve op het gedrag kan een wisselende slechthorendheid ook een negatieve invloed hebben op de spraak-/taalontwikkeling en de schoolprestaties.

Als u er niet zeker van bent of uw kind goed hoort, is het daarom verstandig daar duidelijkheid over te krijgen. Daarbij is een gehoorverlies soms niet tijdelijk maar permanent. Dit komt voor bij ongeveer 1 tot 2 op de 1000 kinderen. Het beste kunt u bij twijfels kontakt op nemen met de huisarts. Deze kan beoordelen of een verwijzing naar een KNO arts voor medische behandeling zinvol is. Zowel de huisarts als de KNO arts kunnen besluiten u door te verwijzen naar een Audiologisch Centrum. Daar kan een tijdelijk of permanent gehoorverlies uitgesloten of bevestigd worden. Bovendien kan worden vastgesteld of het kind een spraak-en/of taalachterstand en/of een kennisachterstand heeft opgelopen. Door uitleg en duidelijke adviezen bent u al een heel eind op weg geholpen. Zo nodig wordt begeleiding ingeschakeld of wordt u met schoolproblemen geholpen.

  

Veel voor komend

Voor het jaar 1994 is berekend dat ruim 80.000 scholieren een gehoorverlies hadden. Hiervan gebruikten 5600 scholieren een hoortoestel. Het verschil tussen het geschatte aantal kinderen met een gehoorverlies en het aantal kinderen met een hoortoestel is waarschijnlijk toe te schrijven aan het feit dat gehoorverlies bij een grote groep kinderen veelal een tijdelijk karakter (oorontstekingen) heeft (TNO '95).

De KNO arts

Bij gehoorproblemen door oorontstekingen kan de KNO arts adviseren om tromelvliesbuisjes te plaatsen. Op de website van de KNO-vereniging is hierover veel informatie te vinden. Ook is er een goede uitleg van de oorzaken.

Hoortoestellen?

Ook bij steeds wisselende gehoorverliezen kunnen hoortoestellen nuttige diensten bewijzen. Bij kinderen is het belangrijk dat hiervoor altijd uitvoerig multidisciplinair onderzoek wordt verricht en er begeleiding wordt gegeven door een Audiologisch Centrum.


© 2010 Audiologisch Centrum Zwolle